|
Pagina 1 van 3 STUDIEGEBIED CHEMIE
Studierichting Techniek-wetenschappen
Derde graad
Een woordje uitleg over de studierichting ...
Logisch denken
Laboratoriumwerk
Wiskunde en wetenschappen
Computergebruik
Nauwkeurig en ordelijk werken
Wanneer kies je voor Techniek-wetenschappen?
- Je hebt een uitgesproken voorkeur en een degelijke voorkennis van wiskunde en vooral van wetenschappen;
- je hebt wat minder aanleg voor talen;
- je bent gemotiveerd om je te verdiepen in de natuurwetenschappelijke denk- en werkwijze;
- je kan vlot heel wat theorie aan en je vindt het tegelijkertijd belangrijk deze kennis veelvuldig in te oefenen;
- je hebt belangstelling en handigheid in labowerk;
- je bent ook bereid je in te zetten voor theoretische vakken;
- je wil na het secundair onderwijs zeker nog verder studeren;
- je denkt aan een job in de wetenschappelijke sector, de gezondheids- of milieuzorg, het onderwijs of de sector van de biotechniek.
Als dit
je profiel is, dan is Techniek-wetenschappen geknipt voor jou.
Een
stevig pakket biologie, chemie, fysica, laboratoriumwerk en wiskunde kenmerkt
deze afdeling. De talen wegen minder zwaar door dan in veel andere theoretische
richtingen.
Je krijgt
er heel wat algemene en theoretische vakken, waardoor je grondig voorbereid
wordt op hoger onderwijs in diverse sectoren.
Doorheen de verschillende wetenschappelijke vakken
beogen we niet enkel het verwerven van een fundamentele wetenschappelijke
kennis, zowel op het vlak van de biologie als van de chemie en de fysica, maar
ook het verwerven van een positief-wetenschappelijke probleemaanpak. Hierbij is
de wisselwerking belangrijk tussen het experimentele en het verklarende, maar
ook het leren beheersen van een verantwoorde attitude ten opzichte van de
levende natuur. Hieronder vind je de belangrijkste leerinhouden van de
wetenschappelijke vakken. Voor de vakken biologie, chemie en fysica wordt
evenveel tijd besteed aan het aanbrengen van de theorie als aan het inoefenen
via practica.
- Toegepaste biologie
In het vijfde jaar gaat het over het instandhouden van het individu. Dit omvat: de cel, uitwisselingen tussen organismen en hun milieu, transport bij organismen en de verwerking van de opgenomen bestanddelen.
In het zesde jaar bestudeer je het instandhouden van de soort: voortplanting, klassieke en moleculaire genetica, biotechnologie en evolutieleer.
- Toegepaste chemie
In het vijfde jaar komen algemene chemie, analytische chemie en koolstofchemie aan bod.
In het zesde jaar wordt de analytische chemie en de koolstofchemie verder behandeld en uitgediept aan de hand van reële toepassingen.
- Toegepaste fysica
In het vijfde jaar behandelen we mechanica, elektriciteit (gelijkstroom) en magnetisme.
In het zesde jaar gaat het over trillingen en golven en hun toepassingen, en over kernfysica. We besteden ook heel wat tijd aan elektronica.
- Wiskunde
De moeilijkheidsgraad van de wiskunde in de derde graad TW is vergelijkbaar met die van de wiskunde in analoge ASO-richtingen. Er wordt wel veel tijd besteed aan het maken van oefeningen die de toepassingen in de wetenschappen beklemtonen.
De meeste leerlingen stappen gewoonlijk in na de tweede graad Techniek-wetenschappen. Dit is de logische overgang.
Vanuit ASO-opties kan je slechts instappen als je een sterke aanleg hebt en goede resultaten haalt voor wiskunde en wetenschappen.
Ook na het vierde jaar Industriële wetenschappen kan je overstappen, op voorwaarde dat je voldoende kennis hebt van wetenschappen en duidelijk gemotiveerd bent.
Na het volgen van andere studierichtingen in de tweede graad is de overgang naar de derde graad TW niet haalbaar
|